Gewrichten
| - | Het gewricht tussen bovenarm en ellepijp: de ellepijp omvat de bovenarm als een tang. De elleboog is hier een scharniergewricht en kan dus alleen buigen en strekken in de elleboog. -Het gewricht tussen bovenarm en spaakbeen is een kogelgewricht, maar doordat het uiteinde van het spaakbeen (radiuskop) tegen de ellepijp aanligt wordt de beweging ervan beperkt in twee richtingen, namelijk strekken en buigen van de elleboog en draaien om zijn lengteas. |
| - | Het gewricht tussen spaakbeen en ellepijp bij het ellebooggewricht: het gewricht wordt gevormd tussen het kopje van het spaakbeen en de ellepijp. Het kopje van het spaakbeen wordt tegen de ellepijp aangehouden door een band die begint ter hoogte van de ellepijp, rond het kopje van het spaakbeen loopt, om vervolgens weer aan de ellepijp vast te hechten. Ook deze band is aan de binnenzijde met kraakbeen bedekt. In dit gewricht is het draaien om de lengteas van de onderarm mogelijk. |
Kraakbeen
De uiteinden van de bovenarm, ellepijp en het kopje van het spaakbeen zijn bekleed met kraakbeen. Kraakbeen is een goed verend weefsel. Kraakbeen bevat geen zenuwen en bloedvaten. De drie gewrichten worden omgeven door één gewrichtskapsel.
Gewrichtssmeer
De bloedvaten in het gewrichtskapsel vormen gewrichtssmeer. Het gewrichtssmeer bekleedt de gewrichtsvlakken met een dunne film. Door zijn stroperige eigenschappen zorgt het gewrichtssmeer ervoor dat de gewrichtsvlakken steeds van elkaar gescheiden blijven, waardoor wrijving tot een minimum wordt beperkt en er geen slijtage van de gewrichtsvlakken optreedt. Men kan gewrichtssmeer vergelijken met vet in een lager waarin de as van een wiel draait. 
Gewrichtsbanden
De gewrichten worden verstevigd met gewrichtsbanden die ligamenta worden genoemd. De banden bestaan uit lagen sterk bindweefsel.
| Spieren | |
| 1 | Buigspier: de tweekoppige spier (musculus biceps; spier = musculus) en bovenarmspier (musculus brachialis). |
| 2 | Strekspier is de driekoppige bovenarmspier (musculus triceps brachii). |
| 3 | Draaispier naar binnen (musculus pronator teres en musculus pronator quadratus). |
| 4 | Draaispier naar buiten. De tweekoppige spier (musculus biceps) en een spier in de onderarm (musculus supinator). |
Aan de buitenzijde van de elleboog ontspringen op de bovenarm de strekkers van de pols en vingers, aan de binnenzijde de buigers van de pols en vingers.
Slijmbeurzen
Een slijmbeurs is een dunwandige holte die gevuld is met een stroperige vloeistof. Slijmbeurzen zitten op plaatsen die aan wrijving onderhevig zijn: tussen bot en huid; tussen pees en de huid en tussen pees en een botstuk. De belangrijkste slijmbeurs ter hoogte van de elleboog bevindt zich aan de achterzijde van de elleboog tussen het uiteinde van de ellepijp en de bovenarm.